Belang van netwerk

By Published On: 15/07/2020Categories: Columns

Belang van netwerk

Een van de dingen waar je elke dag aan denkt wanneer je binnen zit, is de dag van de vrijlating. Zelf heb ik vele nachten op mijn bed starend naar het plafond nagedacht over hoe die dag eruit zou zien. En steeds had ik een ander idee bij wat ik als eerste zou doen. En toen ik eenmaal buiten was, was ik vergeten wat ik als eerste had willen doen… Maar ik weet nog wel wat ik daadwerkelijk als eerste deed: dat was mijn moeder een knuffel geven. Ze hield me stevig vast, keek me recht in de ogen aan en zei: ‘Dit is de laatste keer’. Ik keek haar aan en ik knikte.

Morele steun

Op een ochtend werd ik wakker en het was stil, mijn moeder en haar man waren gaan werken. Op de afdeling in de gevangenis was ik gewend geraakt dat er elke ochtend een PIW’er mijn celdeur opende en mij een goedemorgen wenste. En als ik de celdeur uitliep waren er altijd medegedetineerden die elkaar een goedemorgen wensten onderweg naar arbeid of gewoon tijdens recreatie. Het klinkt misschien vanzelfsprekend, maar als ex-gedetineerden hebben we mensen om ons heen nodig. Voor morele steun, aandacht, maar ook voor de ondersteuning bij allerlei praktische zaken en onverwachte momenten in de beginfase na de detentie. In de eerste week buiten zag ik een hond. Meer dan 3 jaar heb ik geen hond in het echt gezien, en toen zag ik er eentje lopen, dat voelde zo raar! Natuurlijk kon ik daar zelf al snel aan wennen. Maar er waren andere zaken waar anderen mij heel goed mee hebben kunnen helpen. Om een aantal voorbeelden te noemen: een OV-Chipkaart aanschaffen, opladen en gebruiken terwijl ik de ouderwetse treinkaart en strippenkaart gewend was. Een DigiD aanvragen en gebruiken. En ineens waren daar de smartphone en social media.

Vertrouwen

Tijdens mijn hoger beroep is mijn straf zodanig verlaagd dat ik nog minder dan een jaar moest zitten en daardoor kwam ik ook in aanmerking voor het penitentiaire programma. Ik zou dan 11 maanden in het programma zitten waarvan een aantal met een enkelband onder toezicht van de Reclassering. Gelukkig kon ik bij mijn moeder terecht voor deze periode. Het bood mij de kans om in een nieuwe omgeving een nieuwe start te maken. Er was wel één voorwaarde: ik moest ver weg blijven van iedereen die met criminaliteit en detentie te maken had. Mijn moeder vertrouwde erop. Niet omdat ik het beloofde (die belofte heb ik eerder verbroken), maar vanwege wat ik heb laten zien tijdens mijn detentie. Haar vertrouwen in mij was groter dan voor mijn detentie, want ze maakte het proces naar verandering mee. Gelukkig kon ik op mijn familie terugvallen. Dat geldt echter niet voor iedereen. Daarom is het goed dat er in Nederland veel verschillende organisaties voor nazorg zijn. En er zijn bijvoorbeeld Kerken met Stip, waar mensen met een detentieverleden welkom zijn. Maar de meest ideale situatie is natuurlijk een combinatie van professionele ondersteuning én een eigen netwerk van vrienden en familie.

Reynaldo Adames

meer lezen...

De 18 Wetten
€ 14.99

Herstelgericht Detentie
€ 21.99

Dader
€ 7.99

Naar shop

Meer lezen...

Een van de dingen waar je elke dag aan denkt wanneer je binnen zit, is de dag van de vrijlating. Zelf heb ik vele nachten op mijn bed starend naar het plafond nagedacht over hoe die dag eruit zou zien. En steeds had ik een ander idee bij wat ik als eerste zou doen. En toen ik eenmaal buiten was, was ik vergeten wat ik als eerste had willen doen… Maar ik weet nog wel wat ik daadwerkelijk als eerste deed: dat was mijn moeder een knuffel geven. Ze hield me stevig vast, keek me recht in de ogen aan en zei: ‘Dit is de laatste keer’. Ik keek haar aan en ik knikte.

Morele steun

Op een ochtend werd ik wakker en het was stil, mijn moeder en haar man waren gaan werken. Op de afdeling in de gevangenis was ik gewend geraakt dat er elke ochtend een PIW’er mijn celdeur opende en mij een goedemorgen wenste. En als ik de celdeur uitliep waren er altijd medegedetineerden die elkaar een goedemorgen wensten onderweg naar arbeid of gewoon tijdens recreatie. Het klinkt misschien vanzelfsprekend, maar als ex-gedetineerden hebben we mensen om ons heen nodig. Voor morele steun, aandacht, maar ook voor de ondersteuning bij allerlei praktische zaken en onverwachte momenten in de beginfase na de detentie. In de eerste week buiten zag ik een hond. Meer dan 3 jaar heb ik geen hond in het echt gezien, en toen zag ik er eentje lopen, dat voelde zo raar! Natuurlijk kon ik daar zelf al snel aan wennen. Maar er waren andere zaken waar anderen mij heel goed mee hebben kunnen helpen. Om een aantal voorbeelden te noemen: een OV-Chipkaart aanschaffen, opladen en gebruiken terwijl ik de ouderwetse treinkaart en strippenkaart gewend was. Een DigiD aanvragen en gebruiken. En ineens waren daar de smartphone en social media.

Vertrouwen

Tijdens mijn hoger beroep is mijn straf zodanig verlaagd dat ik nog minder dan een jaar moest zitten en daardoor kwam ik ook in aanmerking voor het penitentiaire programma. Ik zou dan 11 maanden in het programma zitten waarvan een aantal met een enkelband onder toezicht van de Reclassering. Gelukkig kon ik bij mijn moeder terecht voor deze periode. Het bood mij de kans om in een nieuwe omgeving een nieuwe start te maken. Er was wel één voorwaarde: ik moest ver weg blijven van iedereen die met criminaliteit en detentie te maken had. Mijn moeder vertrouwde erop. Niet omdat ik het beloofde (die belofte heb ik eerder verbroken), maar vanwege wat ik heb laten zien tijdens mijn detentie. Haar vertrouwen in mij was groter dan voor mijn detentie, want ze maakte het proces naar verandering mee. Gelukkig kon ik op mijn familie terugvallen. Dat geldt echter niet voor iedereen. Daarom is het goed dat er in Nederland veel verschillende organisaties voor nazorg zijn. En er zijn bijvoorbeeld Kerken met Stip, waar mensen met een detentieverleden welkom zijn. Maar de meest ideale situatie is natuurlijk een combinatie van professionele ondersteuning én een eigen netwerk van vrienden en familie.

Meer lezen...